
Blogs over het maken van illustraties
Een boek illustreren is meer dan plaatjes maken
Een boek illustreren is meer dan plaatjes maken. De samenwerking met de schrijver staat voorop. Samen praten over het boek, de illustratie moet de aanvulling worden op het verhaal. De schrijver gaat schrijven en schaven. De illustrator gaat lezen, schetsen, honderden tekeningen maken. Dan vloeien de schetsen opeens uit mijn hand. Voor de schrijver is het meteen duidelijk welke de voorkeur heeft. Dat zijn de momenten dat het vanzelf gaat.
Soms lukt het niet. Wat nu? Hoe schets ik de beweging? Ik sta in mijn atelier, zogenaamd met bijlen te hakken of deuren te openen. Opnieuw schetsen, staat er nu wat ik wil? Heel veel schetsen, kiezen, opnieuw schetsen en weer kiezen. De schrijver bekritiseert en geeft adviezen die ik niet wil horen. Opnieuw beginnen, dan lukt het wel. De eerlijke open samenwerking met de schrijver maakt het werk voor de illustrator waardevol.
Dit is waarom ik het doe, in de huid van de schrijver kruipen. Wat wil de schrijver vertellen? Hoe voelt dat? Dan schetsen, illustreren en het verhaal verbeelden.
Het boek: “Hoe zeg je dag als je iemand niet kunt missen” gaat over verlies. Met het illustreren van dit boek heb ik ervaren dat een illustratie er opeens kan staan. Het ontwerpen van de cover, moest even tussen de bedrijven door. Dat mensen er het Noorderlicht in zien is een cadeautje. Klopt het dat dit een gave is die me geschonken is? Dan heb ik dit gebruikt tijdens het illustreren van dit boek. De geïllustreerde boeken zijn te koop bij alle boekwinkels.
Hoe zeg je dag is geschreven door Regine Hilhorst en Wies Sanders.
Het boek: “Morgen ben je een ander kind” gaat over diversiteit.
Een verhaal van Tara de Rode Krijger
Bij het illustreren van dit boek heb ik ervaren dat het verhaal van het boek samen komt met de techniek die ik in dit boek gebruik. Mono-printen maken, loslaten en accepteren wat er gebeurt.
Geschreven door Regine Hilhorst.
Mono- print maken in 4 stappen

Mono-print maken in 4 stappen
De eerste stap een mal maken.
Schets op karton, of een oude verpakking.
De vaste snelle lijnen vertellen het verhaal.
Deze vorm uitknippen.
De buitenlijn, benadrukt het onderwerp.
Deze mal kan gebruikt worden om mee te drukken.
De tweede stap verven en drukken.
De kleuren uitzoeken die passen bij de sfeer.
De mal vol met de verf smeren.
Plak de mal stevig op dik papier.
De derde stap kijken en ‘loslaten’.
Verwijder de mal snel en voorzichtig
Het resultaat is altijd verrassend.
Soms is het goed om de mal nog 1 of 2 keer
te gebruiken, daarna is de mal meestal kapot.
De mal kan ook op het papier vast geplakt worden.
De laatste stap afwerken met zwarte lijnen.
Het werk moet goed drogen.
Met een kroontjes pen en Oost-Indische inkt
de illustratie levendig maken.
De illustratie kan ingevuld worden met acrylverf.
Dan komt er diepte in de illustratie.
Blogs over de tijd dat ik op de FPA werkte als forensisch verpleegkundige

Crisis
Zo gauw er bij Transfore gesproken wordt over crisis denk ik aan incidenten met patiënten die agressief zijn of worden. Op de Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA) is het ons vak om die crisis in de kiem te smoren en samenwerking met patiënten te bevorderen. Soms gebeuren er verschrikkelijke incidenten die we ons nog lang kunnen heugen en veel bij ons losmaken. Toch zijn incidenten meestal binnen een uur weer opgelost. We evalueren hoe het is gegaan en hoe het anders kan een volgende keer. Gaan verder in de waan van de dag.
Maar NU.
Nu is er een wereldwijde crisis, een Pandemie, die ook ons allen raakt. Daar zijn we niet tegen opgewassen, wat nu. Het COVID19 neemt ons nu te grazen. Daar is geen Agressie en Sociale Veiligheid (ASV)training tegen opgewassen. Dit houdt ons normaal gesproken waakzaam op de veiligheid van ons en die van de patiënten.
Nu is er een crisisteam dat ons dagelijks op de hoogte houdt. Maar wat vinden we van al die maatregelen, iedereen heeft zijn eigen mening. Houden we wel voldoende afstand, poetsen we voldoende of te veel? Wie het weet mag het zeggen. Mag er nog wel bezoek komen voor patiënten? Mogen patiënten nog wel naar buiten. In het crisis team worden hierover besluiten genomen. Mijn mening doet er dan even niet toe. Ik moet me aanpassen aan de besluiten, zo werkt dat in een organisatie.
Ik had het liefst: De voordeur op slot. Geen verlofbewegingen, naar binnen en naar buiten.
Dat dit voor patiënten sneu is klopt, maar onze gezondheid staat voorop. We kunnen ons niet verantwoorden om hier allemaal ziek te worden. Dat dit zomaar kan gebeuren realiseer ik me elk moment.
En dan?
Wie zorgt er dan voor de patiënten? Of voor mijn oude vader, die ik de boodschappen moet brengen. Waar ik eten voor klaar moet zetten.
Opeens is het leven op de FPA Almelo veranderd. Iedereen is zich bewust van een risico dat we lopen. De patiënten net zo goed als wij allemaal.
Elke dag komen er afspraken bij en lijkt het er op dat we gaan schuiven met de maatregelen over afstand bewaren.
Hoe zorg je voor nabijheid in tijden van afstand. De bron(besmettingshaard) is tijdens het schrijven van deze column in mijn nabijheid.
Natuurlijk ben zelfs ik bang om besmet te raken. Of anderen te besmetten. Wat kan ik doen?
Afstand houden.
Voor mij is het duidelijk ga weg ik steek mijn handen uit en als jij dit ook doet en we kunnen elkaar aanraken, ja dan sta je te dicht bij. Ga weg. Laat iedereen maar lekker ver weg blijven.
Als er nu maar niet echt een incident komt, dat patiënten uit hun plaat gaan. Wie springt er tussen? Wie kan de rust bewaren en de patiënt naar zijn kamer sturen. Durf ik dat wel? Wat zeg ik dan en of wat doe ik dan? Sta ik te kijken of loop ik hard weg? Word ik aangekeken op dat gedrag? Ik weet het niet, ik weet het echt niet. Wat doet mijn collega, weet hij of zij het wel? Als er een incident komt? Durf ik dan wel?
Er is sinds vorige week een dagelijkse onzichtbare onzekerheid bij gekomen. Die heeft ons allemaal te pakken.
Opeens zie ik dat er tijdens crisis geen verschil is wie je bent. Het coronavirus ligt overal op de loer op de FPA of in de winkel waar je de laatste rol gaat scoren. Afstand houden dat is mijn motto.
Lies Koning 20 maart 2020
Verpleegkundige FPA Almelo
Goedemorgen op de FPA

“Goedemorgen” op de Forensisch Psychiatrische Afdeling
“Goedemorgen daar ben je daar weer”
jubelt de Popi Jopi patiënt die me in alle vroegte tegemoet komt.
Hij vervolgt: “Hallo Lies, wat fijn dat je er bent.
Hahaha. Dat je de weg weer hebt gevonden” Hahaha.
Hij zoekt een podium om te tonen hoe goed hij het doet.
Hij heeft het beste voor met deze nieuwe dag, en als ik dat maar snap.
Waarom kan hij niet gewoon doen?
Waarom steeds dit geschreeuw en aandacht trekken?
Ook de volgende collega wordt op deze wijze begroet.
Hij klampt zich aan me vast en volgt me.
Hij zoekt momenten om te plagen, daar lijkt hij van te genieten.
Ik voel me ongemakkelijk. Wat wil hij van mij?
Het is een soort van kameraadschappelijkheid en ook iets van; wij fiksen het vandaag wel weer. Ik word er ongemakkelijk van en hoop dat hij stopt.
Wil hij tonen hoe hij zijn best doet, moet ik hem bewonderen? Ik hoor hem lachen en grapjes maken.
Hoe kan ik zeggen dat het anders moet? Ik wil hem aanspreken, maar dan snoert hij mij de mond. “Luisteren, hoezo luisteren?” Wat denk ik wel, dit is iets wat hij dan helemaal niet wil. Hij praat gewoon door en praat en lacht en weet het beter. En ik dan? Ik weet het even niet en denk: houd dit dan nooit op?
Een week later vertelt een goede vriendin hoe ze op straat geïntimideerd wordt door jonge mannen die een auto willen stelen. Ze vertelt hoe ze nageroepen wordt door deze jongens. Ze wordt er bang van en fietst hard door. Ze roepen haar na dat ze niet naar de politie moet gaan en als ze doorfietst schreeuwen ze haar na: ”We houden wel van jou” Opeens zie ik die patiënt voor ogen die bij mij op de afdeling soort gelijk gedrag laat zien. Ik stoor me aan hem, weet soms niet hoe ik het moet stoppen. Ik denk aan die vriendin die ’s avonds laat op straat doorfietst als die jonge autodieven haar na schreeuwen.
Hoe kan het zijn dat ik niet eens weet hoe ik met het gedrag van dit soort gasten om moet gaan op de Forensische Psychiatrische Afdeling (FPA). Nu weet ik het zeker: elke keer als ik het intimiderende gedrag van hem zie, zal ik hem aanspreken. En ja hoor, enkele dagen later is het zo ver. Ik nodig hem uit en ga met hem zitten.
Hij begrijpt direct wat ik bedoel en antwoord gelijk: “ik zal het niet meer doen.” Hij zegt: ”Gisteren was ik hierover ook al aangesproken door je collega.” Dus dat is wat ik moet doen, begrenzen, daar vraagt hij om, elke dag opnieuw, herhalen, herhalen dat geeft duidelijkheid.
Lies Koning
Forensisch verpleegkundige FPA/ FBW Almelo
Media
De Tubantia
Er staat een uitgebreid interview met mij in de zaterdag editie. Ik vertel over de forensische psychiatrie en over het schilderen van kippen.

Zilver Magazine kun je hier online lezen
Jaargang 4 nummer 3 HERFST 2021 op pagina 6 staat het interview van Ton Ouwehand over Lies Koning als kunstenaar. Klik hiervoor op INTERVIEW,ENGELBERT VISS


Wijs Magazine
In het WIJS Magazine staat één illustraties bij het verhaal van Corine Koole Zij is bekend van haar interviews in de Volkskrant. Een van die interviews staat op bladzijde 74 in dit Magazine. En één cartoon op bladzijde 82, wie is er nou grijs? De hoofdredacteur Ton Ouwehand heeft me uitgenodigd om deze illustraties te maken voor dit magazine. Het onderwerp is plezierig ouder worden in Enschede. Een voorbeeld voor ons allemaal.


Boekenmagazine
Hier kun je een prachtige recensie lezen van het boek Morgen ben je een ander kind.
